Delft
Bron

Aan het eind van de achttiende eeuw gaat het slecht met de economie van de Republiek. Verontruste burgers richten genootschappen op om over de problemen te praten. De Oeconomische Tak in Delft is zo’n genootschap. Het zijn vooral rijke en machtige Delftenaren die lid worden, alleen maar mannen. Veel stadsbestuurders zijn ook lid.

Penningmeester Wijbo Fijnje stelt direct na de oprichting in 1778 een discussieonderwerp voor. Hij wil een oplossing bedenken om de omstandigheden voor slaafgemaakten op de plantages in Suriname en het Caribisch gebied te verbeteren. Dat is opvallend, want tot die tijd wordt er in Delft nog niet over slavernij gediscussieerd.

De Tak-leden weten dat ouders en kinderen uit hun eigen Afrikaanse land worden weggehaald. Ook weten ze dat er wrede straffen worden gebruikt om de slaafgemaakten te laten gehoorzamen. Toch komen ze er niet uit. Slavernij kan volgens hen niet zomaar afgeschaft worden. Dat zou slecht zijn voor de handel. Het onderwerp komt niet meer terug op de agenda. Het duurt nog bijna honderd jaar voordat Nederland de slavernij afschaft.

Herkomst

Maker

Johannes van der Wall (secretaris van de Oeconomische Tak)

Datering

1778

Collectie

Stadsarchief Delft

Organisatie

Erfgoed Delft

Nummer

Archief 464 - 70

Link

https://hdl.handle.net/21.12115/NL-DtAD6054939

Gerelateerde thema's

Delfts slavernijverleden

Beschikbare tools

Overzicht van alle transcripties

Overzicht van bron(nen) op de kaart