Begraven huisvlijt
Een van de merkwaardigste, maar ook leerzaamste vondsten van de inheems-Romeinse nederzetting aan de Woudseweg was een kuil waarin 79 weefgewichten van aardewerk zaten. Die waren er vast niet zomaar in gegooid; zo’n massa voorwerpen van hetzelfde soort wordt zelden bij elkaar gevonden. Er lag ook nog het skelet van een jonge hond tussen de weefgewichten in.
Wat de betekenis is geweest van deze vreemde verzameling, daar moeten we naar raden. Hoorde het bij een bepaald ritueel of is het 'gewoon' afval? In ieder geval zijn de archeologen de vroegere eigenaars dankbaar. De weefgewichten geven door hun grote aantal enige informatie over de manier waarop ze werden gebruikt.
Het weven van wollen en linnen stoffen zal in iedere nederzetting zijn uitgevoerd. Weefgewichten waren gemaakt van zacht gebakken klei. Op een paar plaatsen waren ze doorboord om de draden van het weefgetouw aan te bevestigen. Ze hadden verschillende vormen, afmetingen en gewichten.
Ongetwijfeld hebben de wevers een systeem gehad waarbij gewichten van verschillende maten en gewichten werden gecombineerd om bepaalde weefsels mee te maken. Omdat er geen aanwijzingen zijn voor de verbouw van vlas in de nederzetting of voor het houden van grote aantallen schapen, zullen de ruwe materialen of de gesponnen draden wel zijn aangevoerd van elders.